Please choose a language:

Close
 
Paul de Maleingreau - Symphonic Organ Works Vol.1

Paul de Maleingreau (1887-1956)

Paul de Maleingreau - Symphonic Organ Works Vol.1

Peter Van de Velde

Pierre Schyven Organ (1891), Cathedral of Our Lady, Antwerp (B)

Bundle(s) containing this item: info

Information: About bundles

A bundle makes it possible to get a better price for a certain set of AEOLUS CDs.

You may have noticed that here on the AEOLUS website certain CDs and SACDs are displayed to be available as part of a "bundle". So what is a bundle? A bundle is a set of several complete AEOLUS CDs. In case you buy a bundle you pay significantly less than you would pay for the single CDs, but you get the exact same CDs, including original packaging and original booklet. 

This way we created bundles e.g. for some of our composer series, e.g. Froberger, Maleingreau, etc. Please find here all bundles on offer.

Please note that these bundles are only available here on the AEOLUS website, not elsewhere.

Close
Contents:
Paul de Maleingreau (1887-1956) :
Symphonie de l'Agneau Mystique op.24
Symphonie de la Passion op.20
Suite mariale op.65
More details...

Peter Van de Velde, Organ
Playing time: 1:20 (h:m)
Booklet: 28p., English German French Dutch
Order Nr. AE 10611
EAN 4026798106119
Product category: SACD
Release date: 01/07/2006
  • play_circle_outline Symphonie de l'Agneau mystique: "Images"
  • play_circle_outline Symphonie de la Passion: "Prologue"
  • play_circle_outline Symphonie de la Passion: "O Golgotha!"
  • play_circle_outline Suite mariale: "La Visitation"
€ 18,51 (including tax)
Super Audio CD Information info

Super Audio CD (SACD) Information

This 'Hybrid' Super Audio CD plays on all CD players and SACD players.

CD Audio: Stereo

SACD: Stereo High Resolution + Multichannel Surround High Resolution

SACD - what does it mean?

All AEOLUS SACDs...

Close

Reviews on “Maleingreau: Paul de Maleingreau - Symphonic Organ Works Vol.1”

 

www.orgelnieuws.nl Erik van der Heijden, 03/2007 :

“Peter Van De Velde heeft met ‘zijn’ orgel in de Antwerpse kathedraal – en dan bedoelen we uiteraard het monumentale Schyven-orgel – het ideale medium om deze muziek te presenteren en dat doet hij met veel élan.”
More details...

In de jaren rond de Eerste Wereldoorlog kende Brussel een rijke en boeiende orgelcultuur. Dat bracht plaatselijke componisten ertoe voor orgel te componeren. Zo ontstonden in de periode waarin Vierne in Parijs enkele van zijn grote symfonieën schreef interessante symfonische orgelwerken van componisten die vandaag de dag niet of nauwelijks bekend zijn, zoals Paul Gilson, Raymond Moulaert, Joseph Jongen en Paul de Maleingreau.
In 2006 werd de vijftigste sterfdag van Paul Eugène Malengreau herdacht. Hij werd in 1887 in een Noord-Frans dorpje geboren, maar groeide op nabij de Waalse provinciehoofdstad Namen. Hij studeerde aan het Brussels conservatorium orgel bij Alfons Desmet (een leerling van Lemmens), harmonie bij Paul Gilson en contrapunt bij Edgar Tinel. Vanaf 1913 tot zijn pensionering in 1953 was Malengreau als docent werkzaam aan hetzelfde conservatorium. Als componist publiceerde hij onder de artiestennaam Paul de Maleingreau meer dan honderd werken, waarvan veertig opusnummers voor orgel solo. Zijn orgelwerken zijn in twee categorieën in te delen: talloze voor- en tussenspelen voor liturgisch gebruik, eenvoudig van opzet en geschikt voor kleinere orgels enerzijds en grote symfonische werken met virtuoze passages en veel gevoel voor drama anderzijds. De stijl van De Maleingreaus composities wordt doorgaans voorzien van het etiket ‘impressionistisch’, met een knipoog naar Claude Debussy. Zijn stijl heeft echter dankzij het veelvuldige gebruik van Gregoriaanse thema’s een geheel eigen karakter. Drie grote symfonieën vormen de kern en het hoogtepunt van De Maleingreaus orgelwerken. Ze zijn alle drie te beluisteren op deze cd’s, samen met de Suite pour orgue, de Suite Mariale en de Toccata pour orgue. Dit levert twee keer bijna tachtig minuten pure symfonische orgelmuziek op en een interessante kennismaking met een klankwereld die, hoewel nog geen eeuw van ons verwijderd, tamelijk onbekend is.
De Symphonie de Noël, opgedragen aan Albert Schweitzer, doet soms aan Vierne denken. In de Symphonie de la Passion, opgedragen aan één van de Vlaamse primitieven (Rogier van der Weijden), levert De Maleingreau op indringende wijze commentaar bij enkele scènes uit het passieverhaal, waarin het tumult van het volk en de gang naar Golgotha een onheilspellende sfeer oproepen. De Symphonie de l’Agneau Mystique is gebaseerd op het beroemde retabel van het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck (1432), dat zich in de kathedraal van Gent bevindt. De Maleingreau schildert met tonen en creëert sferen die een groot spectrum beslaan; van mystieke ingetogenheid tot triomfalistische uitbundigheid. De manier waarop hij Gregoriaanse thema’s verwerkt getuigt van grote inventiviteit en religieuze betrokkenheid.
Peter Van De Velde heeft met ‘zijn’ orgel in de Antwerpse kathedraal – en dan bedoelen we uiteraard het monumentale Schyven-orgel – het ideale medium om deze muziek te presenteren en dat doet hij met veel élan. Pierre Schyven plaatste hier zijn opus magnum (IVP/90) in 1891, ongetwijfeld het hoogtepunt van de Belgische romantische orgelbouw en bovendien nagenoeg gaaf bewaard. De milde grondstemmen zijn van een ontroerende schoonheid en de tongwerken zorgen voor een feestelijk tutti, dat echter minder fel is dan dat van zijn Franse concurrenten. Het orgel klinkt in de kerk bepaald niet luid, integendeel: zachtere registraties vragen van de kerkbezoeker een aandachtige luisterhouding. Dat geldt ook voor deze opnames. Tonmeister Christoph Martin Frommen van Aeolus heeft de klank met veel gevoel voor detail vastgelegd. Het dynamische bereik van het orgel komt goed tot uiting. De barkermachines zijn in zachte passages hoorbaar aanwezig – net zoals in de kerk.
Zoals gewoonlijk bij Aeolus is de vormgeving van de verpakking (karton) en de booklets smaakvol. Alle gewenste informatie is in vier talen beschikbaar.
Deze cd’s vormen een belangrijke en fraaie aanvulling op de collectie symfonische orgelmuziek. [ERIK VAN DER HEIJDEN]

Download original review:
Orgelnieuws.jpg 403.00 kB

 

Diapason Paul de Louit, 06/2007 :

“Il faudrait pouvoir dire plus longuement l'admiration qu'on a pour le génial orgue d'Anvers, merveille de la facture symphonique tardive : son ti­tulaire, qui a la technique pour, s'en sert vraiment très bien.”
More details...

Figure impor­tante de l'école d'orgue belge, Paul de Maleingreau semble avoir eu entre 1918 et 1922 une évolution pour ainsi dire régressive, avant de re­trouver une inspiration nouvelle dans les opus tardifs. En effet, son écriture s'avère plus moderne et surtout plus intéressante dans les pièces anciennes (ou plus tardive pour l'Opus 74), qui constituent le second de ces deux volumes, notamment la Sym­phonie de Noël (1919). L'œuvre se situe, non seulement chronologiquement mais aussi musicalement, entre le Vierne de la Symphonie n° 3 et le Dupré de la Sym­phonie-Passion ; les motifs grégoriens n'y sont pas utilisés pour renouveler le lan­gage, avec la liberté rythmique et har­monique qu'y puiseront un Tournemire ou un Marie-Joseph Erb, mais dans une « grande » manière symphonique, typique de la descendance de Lemmens. Créée pour les salons du palais Stoclet, la Suite op. 14 (1918) est peut-être plus inventive encore, avec sa Pastorale en mode de ré et son étonnante Toccata aux gestes violents et aux épisodes tourmentés.
Les deux symphonies suivantes (Vol. I) se donnent pour programme non moins que deux retables monumentaux, de Van der Weyden pour la Symphonie de la Passion (1920) et des frères Van Eyck pour la Symphonie de l'Agneau mystique (1922). Cette monumentalité ne leur réussit point. On peut encore être sensible à l'impact émotionnel indubi­table de l'Opus 20, mais l'Opus 24 est complètement dépassé par son sujet : l'ambition intellectuelle qu'annoncent les titres des mouvements (Images, Ryth­mes, Nombres) s'exprime dans une em­phase que les ratiocinations qui tiennent lieu de développements rendent très vite pénible. D'autant que, convaincu, appli­qué, voulant bien faire, Peter Van de Velde renchérit sur la lourdeur au lieu de dy­namiser cette masse. Il faudrait pouvoir dire plus longuement l'admiration qu'on a pour le génial orgue d'Anvers, merveille de la facture symphonique tardive : son ti­tulaire, qui a la technique pour, s'en sert vraiment très bien.
Paul de Louit

Download original review:
AE-10611_Diapason.jpg 175.00 kB

 

La Tribune de l'orgue Guy Bovet, :

“C'est de la très belle musique, très bien jouée, sur un très bel instrument, et vraiment une réalisation qui vaut la peine d'être écoutée.”
More details...

Peter Van de Velde, l'organiste de la cathédrale d'Anvers, s'est attaché à faire renaître l'oeuvre de Maleingreau. Il est secondé dans ce projet par l'instrument par excellence: le Schyven de 1891. L'entreprise est plus qu'intéressante, elle est magnifique: c'est de la très belle musique, très bien jouée, sur un très bel instrument, et vraiment une réalisation qui vaut la peine d'être écoutée. (gb)

Download original review:
AE-10611-Tribune.jpg 61.36 kB

Close

www.orgelnieuws.nl :

Peter Van De Velde heeft met ‘zijn’ orgel in de Antwerpse kathedraal – en dan bedoelen we uiteraard het monumentale Schyven-orgel – het ideale medium om deze muziek te presenteren en dat doet hij met veel élan.

Diapason :

Il faudrait pouvoir dire plus longuement l'admiration qu'on a pour le génial orgue d'Anvers, merveille de la facture symphonique tardive : son ti­tulaire, qui a la technique pour, s'en sert vraiment très bien.

La Tribune de l'orgue :

C'est de la très belle musique, très bien jouée, sur un très bel instrument, et vraiment une réalisation qui vaut la peine d'être écoutée.

More from this series: "Maleingreau: Symphonic Organ Works"

info2